⦾ alles laten zien ⦿ alles verbergen ⇄ omdraaien ⤨ herhaal moeilijk ⤨ shuffle

Overhoren - Hoofdstuk 2 - Dove vai? - volwassenenonderwijs 1

Overhoor jezelf! Bedenk wat het woordje moet zijn en typ het in of klik op . Geef vervolgens eventueel aan of je het goed had met of . Weet je het bijna? Vraag dan een hint met ?. Alles kan ook met het toetsenbord. Typ hiervoor de antwoorden in en gebruik de pijtjes.

Nederlands Italiaans
Waar ga je naartoe? = ... ?
gaan = ... ?
de (land)kaart = ... ?
Turijn = ... ?
Trente = ... ?
Triëst = ... ?
Venetie = ... ?
Rome = ... ?
in de trein; per trein = ... ?
de trein = ... ?
Neemt u me niet kwalijk! = ... ?
Zijn we al in Pavia? = ... ?
Al, reeds = ... ?
Het volgende station is Pavia = ... ?
volgend = ... ?
dank u wel/dankjewel = ... ?
jullie zijn/u bent = ... ?
niet = ... ?
Italianen = ... ?
We zijn Nederlanders, uit Amersfoort = ... ?
terugkeren, teruggaan = ... ?
daarom = ... ?
goed = ... ?
Kruis aan = ... ?
leggen; zetten = ... ?
het kruisje = ... ?
ander = ... ?
de conducteur = ... ?
Kaartjes, aub = ... ?
il beglietto = ... ?
Moet ik voor Senigallia overstappen? = ... ?
voor = ... ?
hier: overstappen = ... ?
met = ... ?
Ga je naar Senigallia? = ... ?
ik ga naar Bologna = ... ?
Iem (gaan) opzoeken = ... ?
waarom/hoezo? = ... ?
voor het/mijn werk = ... ?
het werk = ... ?
Tja, eigenlijk .... = ... ?
eigenlijk = ... ?
nog = ... ?
de zomer = ... ?
het hotel = ... ?
om de stad te bezichtigen = ... ?
bezichtigen = ... ?
leren = ... ?
de vakantie doorbrengen = ... ?
de vakantie = ... ?
Voer het gesprek = ... ?
ik ook = ... ?
Vraag een ander tweetal = ... ?
vragen = ... ?
de leestrekst; het lezen = ... ?
De plek = ... ?
ideaal = ... ?
tussen = ... ?
in het noorden = ... ?
in het zuiden = ... ?
het strand = ... ?
het oude centrum, de historische binnenstad = ... ?
historisch = ... ?
belangrijk = ... ?
de auto = ... ?
Het vliegtuig = ... ?
het schip = ... ?
aankomen = ... ?
gemakkelijk = ... ?
of = ... ?
onjuist/fout = ... ?
lang = ... ?
het woord = ... ?
ik wil graag een kamer reserveren = ... ?
ik wil graag, ik zou willen = ... ?
reserveren = ... ?
de kamer = ... ?
bekijken = ... ?
combineren, koppelen = ... ?
voor jullie vakantie = ... ?
kamers = ... ?
met uitzicht op zee = ... ?
de zee = ... ?
hier: de badkamer = ... ?
privé, eigen = ... ?
de airconditioning = ... ?
de parkeerplaats = ... ?
het restaurant = ... ?
het zwembad = ... ?
de tuin = ... ?
de tennisbaan = ... ?
de lift = ... ?
de roomservice = ... ?
voor zakelijk gebruik = ... ?
de conferentiezaal/ruimte = ... ?
de boulevard = ... ?
het weekend = ... ?
een eenpersoonskamer = ... ?
een tweepersoonskamer = ... ?
goed, in orde = ... ?
op welke naam? = ... ?
uitstekend, perfect = ... ?
vrijdag = ... ?
de avond; 's avonds = ... ?
overigens = ... ?
Is er een parkeerplaats? = ... ?
wanneer = ... ?
zeker, vanzelfsprekend = ... ?
in alle kamers = ... ?
al, geheel, alle = ... ?
alleen = ... ?
nou, dan, dus = ... ?
Het ontbijt = ... ?
de euro = ... ?
Het halfpension = ... ?
de toeslag = ... ?
per persoon = ... ?
vul de reserving in = ... ?
invullen = ... ?
de reservering = ... ?
maandag = ... ?
dinsdag = ... ?
woensdag = ... ?
donderdag = ... ?
zaterdag = ... ?
zonderedag = ... ?
er is geen sauna = ... ?
de sauna = ... ?
hij/zij/het is er niet = ... ?
helaas = ... ?
Reserveer = ... ?
Ik heb een kamer gereserveerd = ... ?
vanavond = ... ?
Sorry, wat zegt u? Come, scusi?
hier is/zijn alstublieft = ... ?
de sleutel = ... ?
i met trema = ... ?
in het Italiaans zeg je - in italiano si dice
een korte spraakoefening = ... ?
de staking = ... ?
de trap = ... ?
de school = ... ?
de handdoek = ... ?
de mandfles = ... ?
Eiland voor de kust van Napels - Ischia
het tennis = ... ?
de E-mail = ... ?

Klaar!