Hoofdstuk 2 - ???

Bij methode English in Mind deel 3 aangemaakt op 04-06-2021 door levi en inmiddels 169 keer bekeken.
Leerjaar: 3

Vragen

woods = bos
archery = boogschieten
athlete = atleet
badly = slecht
Basketball = basketbal
blow = blazen
brilliantly = fantastisch
captain = aanvoerder
champion = kampioen
chance = kans
clear = duidelijk
Congratulations! = Gefeliciteerd!
cost = kosten
course = cursus
daydream = dagdromen
direction = richting
disability = handicap
disabled = gehandicapt
discus = discus
distance = afstand
draw = gelijk spel
draw = gelijk spelen
earlier = vroeger
enthusiastic = enthousiast
fastest = snelste
forget = vergeten
GCSE = eindexamen
get a surprise = verrast worden
get an idea = een idee krijgen
get home = thuiskomen
get old = oud worden
get the answer = het antwoord hebben
get wet = nat worden
goal = doel
gold medal = gouden medaille
grumpy = humeurig
hairdresser = kapper
happily = blij
hard = hard
himself = hemzelf
honestly = eerlijk
improvise = improviseren
injury = blessure
javelin = speer
laugh = lachen
ROFL = Roll Over The Floor
learn = leren
like = leuk vinden
matter = belangrijk zijn
medallist = medaillewinnaar
messy = slordig
mood = bui
noisier = luidruchtiger
noisy = luidruchtig
ordinary = gewoon
proud = trots
referee = scheidsrechter
rest = rusten
run = rennen
score = score, scoren
score a goal = een doelpunt maken
script = script
show = laten zien
slower = langzamer
smile = glimlachen
sooner = eerder
sportspeople = sporters
sportperson = sporter
sprint = sprint
suppose = veronderstellen
surprise = verrassing
talk = praten
team = team
throw = werpen
tidier = netter
wheelchair = rolstoel
whistle = fluit
workshop = workshop
write = schrijven
younger = jonger
acre = acre
In addition = bovendien
aim = doel
atmosphere = atmosfeer
bedroom = slaapkamer