⦾ alles laten zien ⦿ alles verbergen ⇄ omdraaien ⤨ herhaal moeilijk ⤨ shuffle

Overhoren - Hoofdstuk 21 - Speaking - vwo 4

Overhoor jezelf! Bedenk wat het woordje moet zijn en typ het in of klik op ⦾. Geef vervolgens eventueel aan of je het goed had met ✓ of ✗. Weet je het bijna? Vraag dan een hint met ?. Alles kan ook met het toetsenbord. Typ hiervoor de antwoorden in en gebruik de pijtjes.

Engels Nederlands
onderbreken = ... ⦾ ?
spreekwoord = ... ⦾ ?
roddel = ... ⦾ ?
roddelen = ... ⦾ ?
eigenaardig, vreemd = ... ⦾ ?
uiten = ... ⦾ ?
opmerking = ... ⦾ ?
opmerken = ... ⦾ ?
tweetalig = ... ⦾ ?
moedertaal = ... ⦾ ?
moedertaal (2e) = ... ⦾ ?
benadrukken = ... ⦾ ?
klemtoon, nadruk = ... ⦾ ?
vloeiend = ... ⦾ ?
jargon = ... ⦾ ?
kletsen = ... ⦾ ?
stilte = ... ⦾ ?
stil, zwijgend = ... ⦾ ?
understatement, te zwakke uitdrukking = ... ⦾ ?
uitroepen = ... ⦾ ?
welsprekend = ... ⦾ ?
welsprekendheid = ... ⦾ ?
voorzitter = ... ⦾ ?
verteller = ... ⦾ ?
aarzelen = ... ⦾ ?
aarzeling = ... ⦾ ?
in verwarring brengen = ... ⦾ ?
verwarrend = ... ⦾ ?

Klaar!