⦾ alles laten zien ⦿ alles verbergen ⇄ omdraaien ⤨ herhaal moeilijk ⤨ shuffle

Overhoren - Hoofdstuk 1 - Hoofdstuk 1 - Vocabulary (theme words) - havo 2

Overhoor jezelf! Bedenk wat het woordje moet zijn en typ het in of klik op ⦾. Geef vervolgens eventueel aan of je het goed had met ✓ of ✗. Weet je het bijna? Vraag dan een hint met ?. Alles kan ook met het toetsenbord. Typ hiervoor de antwoorden in en gebruik de pijtjes.

Nederlands Engels
logeren bij = ... ⦾ ?
gaan zwemmen, een duik nemen = ... ⦾ ?
zonnebaden = ... ⦾ ?
een foto maken = ... ⦾ ?
mist = ... ⦾ ?
stromachtig = ... ⦾ ?
winderig = ... ⦾ ?
donder, onweer = ... ⦾ ?
orkaan, wervelstorm = ... ⦾ ?
regenbui = ... ⦾ ?
een rondleiding = ... ⦾ ?
oplader = ... ⦾ ?
reisbeschrijving, routebeschrijving = ... ⦾ ?
koptelefoon = ... ⦾ ?
naar het buitenland = ... ⦾ ?
luchthaven = ... ⦾ ?
paspoort = ... ⦾ ?
slaapzak = ... ⦾ ?
een rondleiding krijgen = ... ⦾ ?
reisgids = ... ⦾ ?
toiletspullen = ... ⦾ ?
hagel = ... ⦾ ?
mist = ... ⦾ ?
regenboog = ... ⦾ ?
regenachtig = ... ⦾ ?
zonnebril = ... ⦾ ?
zonnebrandcrème = ... ⦾ ?
bestemming = ... ⦾ ?
doune = ... ⦾ ?
vertrek = ... ⦾ ?
aankomst = ... ⦾ ?
hittegolf = ... ⦾ ?
bliksem(flits) = ... ⦾ ?
zonnig = ... ⦾ ?
uit eten gaan = ... ⦾ ?
ontdekken = ... ⦾ ?
een fiets huren = ... ⦾ ?
zich inschrijven voor = ... ⦾ ?
je tent opzetten = ... ⦾ ?
ontdekken = ... ⦾ ?
gaan rondtrekken = ... ⦾ ?
gaan kamperen = ... ⦾ ?
vlucht = ... ⦾ ?
instappen, aan boord gaan = ... ⦾ ?
landschap = ... ⦾ ?
bagage = ... ⦾ ?
vertrekken = ... ⦾ ?
tocht, uitstapje = ... ⦾ ?
reizen = ... ⦾ ?
grens = ... ⦾ ?
camping = ... ⦾ ?
incheckbalie = ... ⦾ ?
douane = ... ⦾ ?
standhanddoek = ... ⦾ ?
oplader = ... ⦾ ?
Teenslippers = ... ⦾ ?
naar het strand gaan = ... ⦾ ?
heimwee = ... ⦾ ?
wandelen = ... ⦾ ?
bezienswaardigheden bezoeken = ... ⦾ ?
een fiets huren = ... ⦾ ?
zich inschrijven voor = ... ⦾ ?
badkleding = ... ⦾ ?
tandenborstel = ... ⦾ ?
reisgids = ... ⦾ ?
toiletspullen = ... ⦾ ?
logeren bij = ... ⦾ ?
zonnebaden = ... ⦾ ?
helder, licht = ... ⦾ ?
bewolkt = ... ⦾ ?
miezerig, druilerig = ... ⦾ ?
hagel = ... ⦾ ?
donder, onweer = ... ⦾ ?

Klaar!