⦾ alles laten zien ⦿ alles verbergen ⇄ omdraaien ⤨ herhaal moeilijk ⤨ shuffle

Overhoren - Hoofdstuk 8 - vocabulary A,B,C,D - 3

Overhoor jezelf! Bedenk wat het woordje moet zijn en typ het in of klik op ⦾. Geef vervolgens eventueel aan of je het goed had met ✓ of ✗. Weet je het bijna? Vraag dan een hint met ?. Alles kan ook met het toetsenbord. Typ hiervoor de antwoorden in en gebruik de pijtjes.

Nederlands Engels
be in stitches = ... ⦾ ?
gradually = ... ⦾ ?
hilarious = ... ⦾ ?
overcome = ... ⦾ ?
persevere = ... ⦾ ?
rare = ... ⦾ ?
relaxation = ... ⦾ ?
resident = ... ⦾ ?
take the mickey = ... ⦾ ?
straightaway = ... ⦾ ?
subtle = ... ⦾ ?
act = ... ⦾ ?
allow = ... ⦾ ?
annoying = ... ⦾ ?
argue = ... ⦾ ?
benefit = ... ⦾ ?
cause and effect = ... ⦾ ?
drawing = ... ⦾ ?
elementary school = ... ⦾ ?
emphasis = ... ⦾ ?
failure = ... ⦾ ?
garbage can = ... ⦾ ?
improve = ... ⦾ ?
increase = ... ⦾ ?
launch = ... ⦾ ?
limit = ... ⦾ ?
major = ... ⦾ ?
measurements = ... ⦾ ?
moreover = ... ⦾ ?
movement = ... ⦾ ?
obvious = ... ⦾ ?
researcher = ... ⦾ ?
retailer = ... ⦾ ?
shelf = ... ⦾ ?
stretch = ... ⦾ ?
sue = ... ⦾ ?
trigger = ... ⦾ ?
approach = ... ⦾ ?
blast = ... ⦾ ?
brag = ... ⦾ ?
bucket = ... ⦾ ?
carry out = ... ⦾ ?
flush = ... ⦾ ?
pinpoint = ... ⦾ ?
possessions = ... ⦾ ?
rearrange = ... ⦾ ?
sneak = ... ⦾ ?
spare key = ... ⦾ ?
upside down = ... ⦾ ?
be involved = ... ⦾ ?
cast aside = ... ⦾ ?
challenge = ... ⦾ ?
clever = ... ⦾ ?
encourage = ... ⦾ ?
evidence = ... ⦾ ?
possibly = ... ⦾ ?
slum = ... ⦾ ?
turn in = ... ⦾ ?
vital = ... ⦾ ?
wig = ... ⦾ ?

Klaar!