⦾ alles laten zien ⦿ alles verbergen ⇄ omdraaien ⤨ herhaal moeilijk ⤨ shuffle

Overhoren - Hoofdstuk 1 - A t/m G :) - 3

Overhoor jezelf! Bedenk wat het woordje moet zijn en typ het in of klik op ⦾. Geef vervolgens eventueel aan of je het goed had met ✓ of ✗. Weet je het bijna? Vraag dan een hint met ?. Alles kan ook met het toetsenbord. Typ hiervoor de antwoorden in en gebruik de pijtjes.

Engels Nederlands
iets verknallen = ... ⦾ ?
toeval = ... ⦾ ?
kippenvel = ... ⦾ ?
goede verstandhouding = ... ⦾ ?
inhuren = ... ⦾ ?
thuisgevoel = ... ⦾ ?
hopeloos = ... ⦾ ?
indruk = ... ⦾ ?
monteur = ... ⦾ ?
zenuwen = ... ⦾ ?
duidelijk = ... ⦾ ?
zodra = ... ⦾ ?
kijkje = ... ⦾ ?
slonzig = ... ⦾ ?
vlek = ... ⦾ ?
verleidelijk = ... ⦾ ?
driedelig pak = ... ⦾ ?
afgedragen = ... ⦾ ?
veronderstelling = ... ⦾ ?
oplichter = ... ⦾ ?
geweten = ... ⦾ ?
nu / momenteel = ... ⦾ ?
douane = ... ⦾ ?
vervalsen = ... ⦾ ?
vervalser = ... ⦾ ?
vervalsingen = ... ⦾ ?
roof(overval) = ... ⦾ ?
oplichter = ... ⦾ ?
functionaris = ... ⦾ ?
overtuigend = ... ⦾ ?
zwendel = ... ⦾ ?
hip / trendy = ... ⦾ ?
onderhoud = ... ⦾ ?
kapitaal / rijkdom = ... ⦾ ?
sollicitant = ... ⦾ ?
overkomen als = ... ⦾ ?
tint / gelaatskleur = ... ⦾ ?
overtuigend = ... ⦾ ?
onbetrouwbaar = ... ⦾ ?
vrijgevig / gul = ... ⦾ ?
gemeenschappelijk = ... ⦾ ?
onzeker = ... ⦾ ?
aangenaam / aangename = ... ⦾ ?
bij voorkeur = ... ⦾ ?
bevoegdheid = ... ⦾ ?
betrouwbaar / betrouwbare = ... ⦾ ?
zelfverzekerd = ... ⦾ ?
vol zelfvertrouwen = ... ⦾ ?
betrouwbaar = ... ⦾ ?
uitgebreid = ... ⦾ ?
buitensporigheid = ... ⦾ ?
spectaculaire show = ... ⦾ ?
concurreren met = ... ⦾ ?
ophef = ... ⦾ ?
ondergaan = ... ⦾ ?
opwelling = ... ⦾ ?
steeg = ... ⦾ ?
eetlust = ... ⦾ ?
bezemkast = ... ⦾ ?
misleiden = ... ⦾ ?
ramp = ... ⦾ ?
de puntjes op de i zetten = ... ⦾ ?
redactie = ... ⦾ ?
het menselijke / persoonlijke element = ... ⦾ ?
uitgave / nummer = ... ⦾ ?
stemming = ... ⦾ ?
gehoorzaam = ... ⦾ ?
kinderarts = ... ⦾ ?
lijken op = ... ⦾ ?
verzet = ... ⦾ ?
primeur = ... ⦾ ?
veiligheidsagent = ... ⦾ ?
binnendoorweg = ... ⦾ ?
spanning = ... ⦾ ?
roddelblad = ... ⦾ ?
schoolgeld = ... ⦾ ?
onderschatten = ... ⦾ ?
prestatie = ... ⦾ ?
bewonderen = ... ⦾ ?
benaderen = ... ⦾ ?
op zijn / haar gemak = ... ⦾ ?
houding = ... ⦾ ?
met de mond vol tanden staan = ... ⦾ ?
föhnen = ... ⦾ ?
zich buitengesloten voelen = ... ⦾ ?
verliefd zijn op = ... ⦾ ?
indruk maken op = ... ⦾ ?
hartelijke / hartelijk / vlot / vlotte = ... ⦾ ?
voorafgaand = ... ⦾ ?
verlegen = ... ⦾ ?
opkomen voor = ... ⦾ ?
een heleboel = ... ⦾ ?
zich afvragen = ... ⦾ ?
lopen te commanderen = ... ⦾ ?
opzettelijk = ... ⦾ ?
toenadering zoeken = ... ⦾ ?
lastigvallen = ... ⦾ ?
beledigen = ... ⦾ ?
indruk proberen te maken = ... ⦾ ?

Klaar!