⦾ alles laten zien ⦿ alles verbergen ⇄ omdraaien ⤨ herhaal moeilijk ⤨ shuffle

Overhoren - Hoofdstuk 10 - clothes(2) - havo/vwo 2

Overhoor jezelf! Bedenk wat het woordje moet zijn en typ het in of klik op ⦾. Geef vervolgens eventueel aan of je het goed had met ✓ of ✗. Weet je het bijna? Vraag dan een hint met ?. Alles kan ook met het toetsenbord. Typ hiervoor de antwoorden in en gebruik de pijtjes.

Nederlands Engels
trousers = ... ⦾ ?
jacket = ... ⦾ ?
splendid / magnificent / marvellous = ... ⦾ ?
suit = ... ⦾ ?
tie = ... ⦾ ?
shorts = ... ⦾ ?
jeans = ... ⦾ ?
pyjamas = ... ⦾ ?
scissors = ... ⦾ ?
trainers = ... ⦾ ?
silk = ... ⦾ ?
cotton = ... ⦾ ?
to dye = ... ⦾ ?
underwear = ... ⦾ ?
to sell = ... ⦾ ?
swimsuit = ... ⦾ ?
swimming trunks = ... ⦾ ?
menswear = ... ⦾ ?
womenswear = ... ⦾ ?
jewel = ... ⦾ ?
diamond = ... ⦾ ?
jeweller = ... ⦾ ?
bracelet = ... ⦾ ?
necklace = ... ⦾ ?
earring = ... ⦾ ?
to surprise = ... ⦾ ?
surprise = ... ⦾ ?

Klaar!