⦾ alles laten zien ⦿ alles verbergen ⇄ omdraaien ⤨ herhaal moeilijk ⤨ shuffle

Overhoren - Hoofdstuk 1 - hoofdstuk 1 vocabulary - havo 2

Overhoor jezelf! Bedenk wat het woordje moet zijn en typ het in of klik op ⦾. Geef vervolgens eventueel aan of je het goed had met ✓ of ✗. Weet je het bijna? Vraag dan een hint met ?. Alles kan ook met het toetsenbord. Typ hiervoor de antwoorden in en gebruik de pijtjes.

Nederlands Engels
gek(ke) = ... ⦾ ?
nat = ... ⦾ ?
uitzicht = ... ⦾ ?
lokale bewoner = ... ⦾ ?
slepen/ sleuren = ... ⦾ ?
duwen = ... ⦾ ?
kronkelig(e) = ... ⦾ ?
beroemd = ... ⦾ ?
cape, mantel = ... ⦾ ?
onmiddellijk = ... ⦾ ?
erg vinden = ... ⦾ ?
lucht = ... ⦾ ?
leugen = ... ⦾ ?
ritje in attractie = ... ⦾ ?
overgeven = ... ⦾ ?
smerig = ... ⦾ ?
drijven = ... ⦾ ?
een heleboel = ... ⦾ ?
werkelijk = ... ⦾ ?
onmiddellijk = ... ⦾ ?
trui = ... ⦾ ?
lekken = ... ⦾ ?
nat = ... ⦾ ?
lucht = ... ⦾ ?
soepel. gladjes = ... ⦾ ?
delen = ... ⦾ ?
veerpont = ... ⦾ ?
kietelen = ... ⦾ ?
accomplishment = ... ⦾ ?
afford = ... ⦾ ?
deceit = ... ⦾ ?
disguise = ... ⦾ ?
claim = ... ⦾ ?
solution = ... ⦾ ?
trust = ... ⦾ ?
fake = ... ⦾ ?
main = ... ⦾ ?
peak = ... ⦾ ?
imagine = ... ⦾ ?
pretend = ... ⦾ ?
prove = ... ⦾ ?
fire = ... ⦾ ?
claim = ... ⦾ ?

Klaar!